Het APF nader bekeken

In onze vorige nieuwsbrief hebben we aandacht besteed aan een nieuwe vorm van pensioenuitvoering: het Algemeen Pensioenfonds (APF). Dit wordt een nieuwe aanbieder van pensioenregelingen voor werknemers. Momenteel vindt er tussen pensioendeskundigen een discussie plaats of dit de uitvoeringsvorm van de toekomst is. Reden voor ons om nader in te gaan op het APF.

Wat is een APF

Eind 2015 is wetgeving voor APF-en rondgekomen en zijn verschillende ‘founding fathers’ vol enthousiasme van start gegaan om de benodigde vergunning te krijgen van De Nederlandsche Bank (DNB). De contouren van de verschillende proposities worden steeds beter zichtbaar.

Voor werkgevers die een middelloonregeling toezeggen aan hun werknemers, betekent dit dat er veel meer keuze komt in aanbieders. Maar past een APF voor uw pensioenregeling? En zo ja, welk APF moet dat dan zijn?

Een APF is een pensioenfonds dat één of meer pensioenregelingen uitvoert.

Het APF kan, anders dan andere pensioenfondsen, afgescheiden vermogens (‘ringfencing’) aanhouden voor verschillende collectiviteiten. Dit wordt een collectiviteitkring genoemd. In één collectiviteitkring kunnen meerdere werkgevers hun pensioenregeling onderbrengen. Dit noemen we een ‘multiclient’-kring. Voor grotere werkgevers is het ook mogelijk om een eigen kring in te richten, dat is een ‘single-client’-kring.

Elke kring heeft een eigen dekkingsgraad, premiebeleid, indexatiebeleid en beleggingsbeleid. Een belangrijk verschil tussen een APF en een verzekerde pensioenregeling, is dat er bij een APF geen gegarandeerde pensioenrechten zijn. Een APF is een pensioenfonds en hoewel een pensioenfonds buffers moet aanhouden, is het niet uitgesloten dat pensioenrechten gekort kunnen worden. Daar staat tegenover dat pensioenfondsen, en dus ook APF-en, het vermogen beleggen en dat daarmee ook kans bestaat op toeslagverlening.

Momenteel zijn er verschillende APF’en in oprichting die open staan voor externe klanten:

  1. Centraal Beheer APF
  2. Het Nederlandse pensioenfonds (ASR)
  3. Delta Lloyd APF
  4. Stap (Aegon en TKP)
  5. De Nationale APF (NN/AZL)
  6. Volo pensioen (PGGM)

Waarom zou ik kiezen voor een APF?

De APF-en bieden allemaal productoplossingen aan voor middelloonregelingen,en sommige ook voor collective defined contribution (CDC)- of defined contribution (DC)-regelingen. Dit worden nieuwe mogelijkheden naast de traditionele pensioenverzekeraars, de Premie Pensioen Instellingen (PPI’s) en Bedrijfstakpensioenfondsen waar werkgevers ook hun regelingen kunnen onderbrengen.

Werkgevers die nu een verzekerde middelloonregeling hebben, zien bij het einde van het contract dat de kosten fors stijgen. Verdubbeling van pensioenkosten is geen uitzondering meer vanwege de lage rente en dat is voor veel werkgevers nauwelijks te dragen. Dat is een reden om op zoek te gaan naar alternatieven. Sommige werkgevers kiezen ervoor om de overstap te maken naar een DC-regeling. Hierbij ontvangt de werknemer een premie en die wordt in zijn individuele pensioenpotje belegd. De risico’s op langer leven, rendement en rente liggen dan bij de werknemer zelf. Voor andere werkgevers gaat dit een stap te ver en zij zoeken nog naar mogelijkheden met meer solidariteit. Dan kan een pensioenfonds een oplossing zijn. Dit kan een bedrijfstakpensioenfonds of een APF zijn. Een bedrijfstakpensioenfonds kan als de werkzaamheden van een werkgever passen bij een bepaalde bedrijfstak. Sommige bedrijfstakpensioenfondsen, zoals PGB en PNO Media, omvatten zoveel bedrijfstakken dat er voor veel werkgevers wel een plekje te vinden is. In deze bedrijfstakpensioenfondsen is al veel vermogen aanwezig, waardoor werkgevers gelijk kunnen profiteren van schaalvoordelen. Een mogelijk nadeel is dat de huidige financiële positie van sommige van deze pensioenfondsen niet erg rooskleurig is. Dit is niet makkelijk bij te stellen met een beetje extra premie, want dat weegt nauwelijks op tegen het grote reeds opgebouwde vermogen van deze pensioenfondsen. Een APF is een nieuw vehikel zonder ‘verleden’. Daarmee kan een APF, op basis van de binnenkomende premie, beter sturen in de financiële positie bij de start. Een APF is echter nog nieuw, dus het is niet uit te sluiten dat er kinderziektes kunnen zijn.

Waar moet ik op letten bij een APF?

Eigenlijk kies je als werkgever niet alleen voor een APF, maar ook voor een kring binnen dat APF. In deze kring is namelijk bepaald welke premiestelling van toepassing is, wat het beleggingsbeleid is en welke regelingen er mogelijk zijn. Ook heeft elke kring zijn eigen ‘dekkingsgraad’ waaraan je kan zien wat de financiële positie is. Bij de APF-en die nu starten, zien we dat sommige APF-en direct starten met een veelheid van kringen, met diverse opties voor regelingen, terwijl andere APF-en starten met één kring. Bij de selectie van een APF-kring zijn verschillende elementen van belang:

  • Hoe is de premiestelling bij de start?
  • Hoe gaat de premie zich ontwikkelen in de komende jaren, wat is de afhankelijkheid van de rente of de dekkingsgraad?
  • Wat is de dekkingsgraad bij de start?
  • Welke beleggingsbeleid wordt er gevoerd?
  • Wat betekent het beleid voor de kans op indexatie en de kans op korten?

De ‘risicohouding’ verschilt namelijk per kring en we zien verschillende smaken in de markt komen. Zo zijn er zeer prudente kringen die mikken op een dekkingsgraad van meer dan 120%, wat ook betekent dat de premie aan de hoge kant is. En aan de andere kant zijn er kringen die meer risico nemen en hun premie baseren op een dekkingsgraad van 100%. De premie is hier dus lager, maar de kans op afstempelen is dan ook groter. Uiteraard zijn er ook allerlei tussenvarianten mogelijk. De vraag: welke risicohouding past bij u als werkgever én bij uw werknemers?

Naast de kwantitatieve aspecten kunt u ook kijken naar kwalitatieve aspecten, zoals de manier waarop zeggenschap en medezeggenschap is geregeld over bijvoorbeeld het beleggingsbeleid. Maar ook communicatie naar werknemers, exitvoorwaarden en gemak van mutatie-aanlevering zijn belangrijke componenten in de besluitvorming.

Let ook op dat bij de selectie van de pensioenuitvoerder de ondernemingsraad een rol heeft. Sterker nog, het instemmingsrecht van ondernemingsraden wordt aangescherpt, hierover leest u meer in ons artikel over de wijziging van het instemmingsrecht elders op onze website.

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel? Neemt u dan contact op met Vandena van der Meer via: vandena.van.der.meer@montae.nl of 06 293 39 128.

© Montae

Print deze post
Dit artikel delen: