Instemmingsrecht voor ondernemingsraden wijzigt

Staatssecretaris Klijnsma heeft eind vorig jaar een wetsvoorstel naar de Tweede Kamer gestuurd om het instemmingsrecht voor ondernemingsraden  bij besluitvorming over (de uitvoering van) pensioenregelingen te wijzigen. Deze voorgestelde wijzigingen raken werkgevers die de uitvoering van de pensioenregeling hebben ondergebracht bij een pensioenfonds. Ook gelden de wijzigingen als werkgevers de pensioenregeling in de toekomst willen onderbrengen bij een pensioenfonds, zoals een  Algemeen Pensioenfonds.  Recent is dit wetsvoorstel op een aantal essentiële onderdelen gewijzigd. In dit artikel leest u over de voorgestelde uitbreiding van de instemmingsrechten van de ondernemingsraad. Die zal naar verwachting met ingang van 1 juli 2016 wettelijk worden vastgelegd.

Instemmingsrecht bij vaststelling, wijziging of intrekking van de pensioenregeling ongeacht de soort pensioenuitvoerder

Dit wetsvoorstel beoogt duidelijker vast te leggen dat werkgever en werknemer gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de arbeidsvoorwaarde pensioen. Vandaar dat wordt voorgesteld om de ondernemingsraad (OR) instemmingsrecht te geven bij elk voorgenomen besluit van de werkgever tot vaststelling, wijziging en intrekking van de pensioenregeling, tenzij de pensioenregeling en de inhoud ervan op cao-niveau zijn overeengekomen. Dit was al zo bij verzekerde pensioenregelingen, maar gaat nu ook gelden bij pensioenregelingen die zijn ondergebracht bij een pensioenfonds. De bepaling dat de OR geen instemmingsrecht heeft bij vaststelling, wijziging en intrekking van de pensioenregeling die is ondergebracht bij verplicht gestelde bedrijfstakpensioenfondsen blijft gehandhaafd. De besluitvorming c.q. zeggenschap ligt in dit geval op bedrijfstakniveau en niet bij de individuele werkgever, waardoor instemmingsrecht van de OR niet aan de orde kan zijn.

Ook instemmingsrecht bij bepaalde elementen van de uitvoering van de pensioenregeling

Het instemmingsrecht van de OR ten aanzien van  de uitvoering van de pensioenregeling wordt uitgebreid. Als er in de uitvoeringsovereenkomst afspraken zijn gemaakt, die  van invloed zijn op de pensioenovereenkomst – en dus op de arbeidsvoorwaarde pensioen – dan valt die onder het instemmingsrecht van de OR. Voorbeelden hiervan zijn de wijze waarop de premie wordt vastgesteld en bepalingen rond toeslagverlening.

Instemmingsrecht ten aanzien van de keuze van de pensioenuitvoerder

Omdat de keuze voor een pensioenuitvoerder van invloed kan zijn op de risico’s binnen een pensioenregeling en de rekenregels die van toepassing zijn, kan deze keuze van invloed zijn op het te bereiken pensioenresultaat  en daarmee op de arbeidsvoorwaarde pensioen. Hiervan is bijvoorbeeld sprake bij een overgang van een verzekerde regeling naar een Algemeen Pensioenfonds. Dit is de aanleiding geweest om in het wetsvoorstel op te nemen dat de OR ook een instemmingsrecht moet krijgen ten aanzien van de voorgenomen keuze van de werkgever voor een (andere) pensioenuitvoerder.

Overigens blijft het instemmingsrecht van de OR ten aanzien van het voorgenomen besluit van de werkgever om de pensioenregeling onder te brengen bij een buitenlandse pensioenuitvoerder onveranderd in stand. Het overbrengen van een pensioenregeling naar een buitenlandse pensioenuitvoerder kan namelijk ook gevolgen hebben voor de arbeidsvoorwaarde pensioen.

Wettelijke plicht om de OR te informeren

Ten slotte is in dit wetsvoorstel de verplichting voor de werkgever opgenomen om de OR zo spoedig mogelijk schriftelijk te informeren over elke voorgenomen vaststelling, wijziging of intrekking van een uitvoeringsovereenkomst of pensioenreglement. Zo kan voorafgaand aan de besluitvorming van de werkgever worden vastgesteld of de OR instemmingsrecht heeft. Daarmee wordt voorkomen dat een besluit van de werkgever moet worden teruggedraaid omdat achteraf pas blijkt dat de OR instemmingsrecht had.

Wel of niet de OR betrekken?

De voorgestelde uitbreiding van de instemmingsrechten van de OR maakt duidelijk dat de OR altijd een rol heeft als het gaat om de arbeidsvoorwaarde pensioen. Dit geldt ook als het in eerste instantie alleen lijkt te gaan om afspraken over de uitvoering van de pensioenregeling.  Het is van belang dat u de OR op tijd betrekt bij de voorgenomen wijzigingen, zodat u tijdig de wettelijke positie van de OR kunt vaststellen. U loopt dan niet het risico dat pas achteraf blijkt dat de wijzigingen onrechtmatig tot stand zijn gekomen.

© Montae

Print deze post
Dit artikel delen: