1. DNB: financiële positie van pensioenfondsen in Q3 2019 opnieuw verslechterd

Volgens het Statistisch Nieuwsbericht van DNB van 22 oktober jl. is de financiële positie van pensioenfondsen in het derde kwartaal van 2019 opnieuw verslechterd als gevolg van het renteniveau. Zo is de gemiddelde actuele dekkingsgraad van de pensioenfondsen in het derde kwartaal met bijna 3 procentpunt gedaald naar 98,1%. De gemiddelde beleidsdekkingsgraad is in het derde kwartaal gedaald van 106,0% naar 103,1%. Voor een besluit over eventuele kortingen op basis van de MVEV-maatregel zijn zowel de actuele als de beleidsdekkingsgraad per 31 december 2019 van belang.

Verder laat DNB weten dat het aantal deelnemers dat aangesloten is bij een pensioenfonds waarvan de beleidsdekkingsgraad niet aan het wettelijk vereiste minimum (veelal 104,2%) voldoet, in het derde kwartaal is gestegen van 11,4 naar 12,1 miljoen. Dit komt neer op 63% van alle deelnemers, die zijn aangesloten bij 70 pensioenfondsen.

Tevens blijkt uit het Statistisch Nieuwsbericht dat:

  • de beleidsdekkingsgraad van 56 pensioenfondsen ontoereikend is om (gedeeltelijk) toeslag te kunnen verlenen. Bij deze pensioenfondsen zijn 5,1 miljoen deelnemers aangesloten.
  • 78 pensioenfondsen een beleidsdekkingsgraad hebben die boven 110% ligt en daarom (gedeeltelijk) toeslag kunnen verlenen. Bij deze pensioenfondsen zijn zo’n 2 miljoen deelnemers aangesloten.

Bron: DNB

2. Nota n.a.v. het verslag wetsvoorstel Verzamelwet SZW 2020

Op 28 oktober jl. heeft minister Koolmees de Nota naar aanleiding van het verslag over het wetsvoorstel Verzamelwet SZW 2020 aangeboden aan de Tweede Kamer. Hij reageert hierin op diverse vragen en verzoeken van Tweede Kamerfracties. Een van die vragen is waarom er dit jaar geen aparte Verzamelwet pensioenen ingediend is. Koolmees antwoordt hierop dat er alleen een Verzamelwet pensioenen wordt ingediend als daar voldoende geschikte onderwerpen voor zijn. Volgens Koolmees is dat op dit moment niet het geval. De minister wijst er op dat de Wet temporisering verhoging AOW-leeftijd echter al op 1 januari 2020 in werking moet treden. Om deze reden is dat wetsvoorstel bij wijze van uitzondering in het voorstel voor de Verzamelwet SZW 2020 opgenomen.

In reactie op het verzoek van de D66-fractie om bepaalde interne waardeoverdrachten binnen een APF mogelijk te maken geeft Koolmees het volgende aan: ”Het omzetten van DB-aanspraken in DC-aanspraken is één van de transitievraagstukken binnen de discussie over het nieuwe pensioenstelsel. Om die reden is dit onderwerp niet geschikt om afzonderlijk, vooruitlopend op de uitwerking van het pensioenakkoord, te regelen.”

De minister verzoekt de Tweede Kamer om een spoedige behandeling van het wetsvoorstel met het oog op de beoogde datum van inwerkingtreding van (een aantal onderdelen van) het wetsvoorstel op 1 januari 2020.

Bron: Rijksoverheid

3. Brief Koolmees over CBS-bericht ‘Welvaart van gepensioneerden’

Op 28 oktober jl. heeft minister Koolmees op verzoek van Tweede Kamerlid Van Brenk (50PLUS) gereageerd op het bericht ‘Welvaart van gepensioneerden’ van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Koolmees geeft onder meer aan dat de achterblijvende indexatie van het aanvullende pensioen leidt tot een koopkrachtverschil tussen gepensioneerden en werkenden. Bij werkenden zijn de gevolgen hiervan pas bij pensionering voelbaar, terwijl gepensioneerden dit direct in hun portemonnee merken. Daarbij geldt dat hoe hoger het aanvullend pensioen is, hoe negatiever de koopkrachtontwikkeling door het uitblijven van indexatie uitpakt. Volgens de minister is de koopkracht van gepensioneerden met een klein aanvullend pensioen de afgelopen tien jaar wel gestegen.

Verder wijst de minister op het kabinetsbeleid om de koopkrachtontwikkeling van gepensioneerden positief bij te sturen. Onderdelen van dat beleid zijn onder meer de verhoging van de algemene heffingskorting en de zorgtoeslag, een hogere en gelijkmatig afbouwende ouderenkorting en de invoering van het tweeschijvenstelsel waarin de meeste belastingtarieven lager uitkomen. Koolmees benadrukt dat het niet mogelijk is om met beleid elke negatieve schok bij te sturen of elke portemonnee te bereiken.

Bron: Rijksoverheid

4. Brief Koolmees over CBS-bericht ‘Doorsnee inkomen werkenden al tien jaar vrijwel constant’

Op 28 oktober jl. heeft minister Koolmees op verzoek van Tweede Kamerlid De Jong (PVV) gereageerd op het bericht ‘Doorsnee inkomen werkenden al tien jaar vrijwel constant’ van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). In zijn brief gaat de minister ook kort in op de inkomenspositie van mensen die niet meer werken. Een uitgebreidere reactie hierop is opgenomen in de reactie van Koolmees op het CBS-bericht ‘Welvaart van gepensioneerden’ (zie het voorgaande bericht in dit overzicht).

Volgens het CBS-bericht is het doorsnee inkomen van werkenden – gecorrigeerd voor inflatie – gestegen met 3,2% in de periode 2007-2017. Volgens Koolmees wordt de ontwikkeling van het persoonlijk inkomen van werkenden vooral bepaald door de ontwikkeling van de lonen. De achterliggende jaren is de loongroei als gevolg van de lagere arbeidsproductiviteitsgroei en de economische crisis gematigd geweest. Hij benadrukt daarbij dat de loongroei inmiddels weer toeneemt. Zo zijn de lonen in 2018 met 2% gestegen en raamt het Centraal Planbureau voor 2019 en 2020 een contractloonstijging van 2,5%.

Volgens Koolmees heeft het persoonlijk inkomen van gepensioneerden zich over de periode 2012-2017 iets positiever ontwikkeld dan het persoonlijk inkomen van werkenden. Dit heeft volgens de minister te maken met het feit dat de nieuwe generaties ouderen veelal een hoger aanvullend pensioen hebben opgebouwd en dat vaak beide partners recht hebben op aanvullend pensioen. Daarbij zijn de AOW-uitkeringen de afgelopen jaren ook steeds meegegroeid met de contractlonen. Wel zijn de aanvullende pensioenen nauwelijks geïndexeerd in de periode 2011-2017. Deze ontwikkeling remt de groei van het persoonlijk inkomen van gepensioneerden. Over de periode 2012-2017 lijken deze effecten tegen elkaar weg te vallen.

Koolmees kondigt aan dat de minister van Economische Zaken en Klimaat de Tweede Kamer voor het eind van 2019 informeert over de mogelijkheden om het verdienvermogen van Nederland op de lange termijn te versterken. Het bevorderen van de arbeidsproductiviteit is hier onderdeel van.

Bron: Rijksoverheid

5. AFM past ‘risicoradar’ voor verbod op beleggingen in clustermunitie aan

Voor in Nederland gevestigde financiële ondernemingen, waaronder pensioenfondsen en verzekeraars, geldt een wettelijk investeringsverbod in ondernemingen die clustermunitie of cruciale onderdelen daarvan produceren, verkopen of distribueren. De AFM houdt toezicht op de naleving van dit verbod en gebruikt daarbij een indicatieve lijst van ondernemingen die onder het clustermunitieverbod vallen als ‘risicoradar’. Onlangs heeft de AFM deze risicoradar voor 2020 geactualiseerd. Volgens de AFM is de indicatieve lijst niet statisch. Verder stelt de AFM dat het de verantwoordelijkheid van de financiële onderneming is en blijft om te zorgen dat het investeringsverbod in clustermunitie wordt nageleefd.

Het investeringsverbod kent een beperkt aantal uitzonderingen. Zo is het toegestaan om transacties gebaseerd op een index uit te voeren, maar alleen als die index voor minder dan 5% bestaat uit individuele ondernemingen die onder het investeringsverbod vallen. Ook is het toegestaan om te investeren in nauwkeurig omschreven projecten van een onderneming die onder het verbod valt, voor zover de financiering niet wordt gebruikt voor de productie, verkoop of distributie van clustermunitie.

De AFM treedt handhavend op als een financiële onderneming niet kan uitleggen waarom zij geïnvesteerd heeft in een onderneming die onder het clustermunitieverbod valt. Bij overtreding van het verbod kan de AFM een boete opleggen met een basisbedrag van 500.000 euro, een maximumbedrag van 1 miljoen euro of aangifte doen bij het Openbaar Ministerie.

Bron: AFM / Pensioenfederatie

6. Global Pension Index: Nederland opnieuw eerste geworden

In de jaarlijkse Global Pension Index van adviesbureau Mercer worden sinds 2009 de pensioenstelsels van meer dan dertig landen wereldwijd getoetst op toereikendheid, duurzaamheid en integriteit. In 2019 zijn 37 landen getoetst. Nederland is in 2019 opnieuw eerste geworden in de Global Pension Index. Net als vorig jaar staat Denemarken op nummer twee. Australië bekleedt de derde positie. Nederland en Denemarken mogen als enige landen in de index hun pensioenstelsels dit jaar de A-status geven omdat ze totaal meer dan 80 punten scoren. De totale score van Nederland is 81.0 punten, dit is 0.7 punt hoger in vergelijking met vorig jaar. Een sterk punt is volgens de Index dat er in Nederland een combinatie is van AOW en aanvullend pensioen, waarbij de AOW-leeftijd ook nog eens opschuift met de stijgende levensverwachting. Volgens het onderzoek kan Nederland nog hoger scoren door het reduceren van schulden bij huishoudens en het verhogen van de arbeidsparticipatie onder ouderen naarmate de levensverwachting stijgt.

Bron: Pensioenfederatie / NRC


Bijeenkomsten, seminars

Datum Bijeenkomst
31 oktober 2019 Netspar: Pension Day 2019
11 november 2019 DNB voorlichting toetsingen
14 november 2019 Pensioenfederatie: Themabijeenkomst
28 november 2019 Pensioenfederatie: Themabijeenkomst Verantwoordingsorgaan
10 december 2019 Pensioenfederatie: ALV en Themabijeenkomst
15 januari 2020 Montae: Educatiesessie ken uw deelnemer
13 februari 2020 Pensioenfederatie: Themabijeenkomst
24 maart 2020 Pensioenfederatie: Themabijeenkomst Verantwoordingsorgaan
7 april 2020 Pensioenfederatie: Themabijeenkomst
16 juni 2020 Pensioenfederatie: ALV en Themabijeenkomst
8 september 2020 Pensioenfederatie: Themabijeenkomst
24 september 2020 Pensioenfederatie: Themabijeenkomst Verantwoordingsorgaan
6 oktober 2020 Pensioenfederatie: Jaarcongres
12 november 2020 Pensioenfederatie: Themabijeenkomst
30 november 2020 Pensioenfederatie: Themabijeenkomst Verantwoordingsorgaan
3 december 2020 Pensioenfederatie: ALV en Themabijeenkomst

Wetsvoorstellen (in parlementaire behandeling)

Wetsvoorstel/ Besluit Inhoudelijk Status
Wetsvoorstel Pensioenverdeling bij Scheiding 2021 (35287) Het wetsvoorstel regelt dat bij scheidingen vanaf 2021 conversie als standaard geldt. Met conversie krijgen ex-partners automatisch een zelfstandig recht op de helft van het tijdens het huwelijk opgebouwde pensioen van de ander. Wetsvoorstel is op 16 september 2019 ingediend bij de Tweede Kamer.

In de procedurevergadering van 1 oktober 2019 heeft de vaste Kamercommissie de minister van SZW verzocht om na te gaan wanneer de nog te ontvangen lagere regelgeving voortvloeiende uit het wetsvoorstel aan de Kamer zal worden aangeboden.

Volgens de besluitenlijst van de procedure- vergadering van 17 oktober 2019 streeft minister Koolmees ernaar om de internetconsultatie van de concept lagere regelgeving medio november 2019 open te stellen.

Op 30 oktober 2019 wordt de inbrengdatum voor het verslag van de vaste Kamercommissie vastgesteld.

Datum inwerkingtreding: 1 januari 2021.

 

Wetsvoorstel Verzamelwet SZW 2020 (35275) Dit wetsvoorstel beoogt een aantal wetten op het terrein van het Ministerie van SZW te wijzigen. Het gaat onder meer om het doorvoeren van de Wet temporisering verhoging AOW-leeftijd.

De nota van wijziging bij het wetsvoorstel bevat een beperkt aantal wijzigingsvoorstellen voor artikel 63 van de Pensioenwet, nl:

  • Toestaan dat de mate van variatie van reeds ingegaan pensioen gewijzigd mag worden indien mensen na pensioeningang te maken krijgen met een (onverwachte) wijziging van de AOW-leeftijd.
  • Te regelen dat in gevallen waarin het pensioen reeds is ingegaan en gebruik is gemaakt van de verruiming van de bandbreedte 100:75 ter opvulling van het gemis aan AOW-uitkering, mag worden uitgegaan van de AOW-leeftijd die van toepassing was vóór de verlaging van de AOW-leeftijd.
Wetsvoorstel is op 5 september 2019 ingediend bij de Tweede Kamer. In september 2019 zijn twee Nota’s van wijziging ingediend. Op 2 oktober 2019 is het voorlopig nader verslag van de vaste Kamercommissie voor SZW gepubliceerd. Dit verslag is inmiddels vastgesteld.

Op 17 oktober 2019 heeft de procedurevergadering plaatsgevonden.

Op 28 oktober 2019 heeft minister Koolmees de Nota naar aanleiding van het verslag aangeboden aan de Tweede Kamer. Hij heeft de Tweede kamer verzocht om spoedige behandeling van het wetsvoorstel.

Beoogde datum inwerkingtreding: varieert per onderdeel. Voor de Wet temporisering verhoging AOW-leeftijd is dit 1 januari 2020. Voor de wijzigingen in de Pensioenwet is dit nog nader te bepalen.

Wetsvoorstel Bestuur en Toezicht Rechtspersonen (34491) Met dit voorstel wordt het mogelijk om bij verenigingen en stichtingen een raad van commissarissen in te stellen. Ook kan bij alle rechtspersonen voor een monistisch bestuurssysteem gekozen worden. Voor de vereniging, de coöperatie, de onderlinge waarborgmaatschappij en de stichting komt meer duidelijkheid over:

  • de uitgangspunten die bestuurders en commissarissen bij de vervulling van hun taak in acht moeten nemen,
  • de positie van bestuurders en commissarissen met een tegenstrijdig belang en
  • de regels over aansprakelijkheid van bestuurders en commissarissen.
  • Ook wordt de regeling voor ontslag van een stichtingsbestuurder door de rechter verduidelijkt.
Wetsvoorstel is op 8 juni 2016 ingediend bij de Tweede Kamer. Op 19 december 2018 is de Inbreng nader verslag (wetsvoorstel) aangeleverd. Op 8 november 2018 en 15 februari 2019 is een Nota van wijziging ingediend.

Op 20 mei 2019 heeft de minister van Rechts-bescherming gereageerd op een aantal commentaren op het wetsvoorstel ten behoeve van de plenaire behandeling van het wetsvoorstel.

De plenaire behandeling in de Tweede Kamer is voorzien in week 47.

Beoogde datum inwerkingtreding: nog nader te bepalen.

Wetsvoorstel Digitale Overheid (34972) Algemene regels inzake het elektronisch verkeer in het publieke domein en inzake de generieke digitale infrastructuur. Het wetsvoorstel is op 19 juni 2018 ingediend bij de Tweede Kamer. Op 19 december 2018 is een nota van wijziging ingediend.

De planning van inwerkingtreding van het wetsvoorstel was aanvankelijk 1 januari 2019 en is vervolgens uitgesteld naar 1 juli 2019. Dit is niet gehaald.

Op 5 september 2019 heeft de procedurevergadering van de vaste Kamercommissie voor Binnenlandse Zaken plaatsgevonden.

De plenaire behandeling in de Tweede Kamer is voorzien in week 48.

Op 21 oktober 2019 is een nota van wijziging ingediend. Deze nota regelt onder meer dat burgers ook een privaat middel dat voldoet aan nader te bepalen eisen, als inlogmiddel kunnen gebruiken. De eisen hiervoor worden nog bij lagere regelgeving vastgesteld.

Naar verwachting is de datum inwerkingtreding 1 januari 2020.

Ontwerpbesluit adequate pensioenregeling payrollwerknemers (35074-65) Het ontwerpbesluit hoort bij de Wet Arbeidsmarkt in balans. Hierin staan de voorwaarden waaraan de pensioenregeling moet voldoen indien de werknemer niet deelneemt aan de regeling van de inlener.

Tot 16 maart 2019 was het mogelijk te reageren op consultatie van het ontwerpbesluit. O.a. de Pensioenfederatie en VNO-NCW hebben hiervan gebruikt gemaakt.

Ingediend bij de Tweede Kamer op 6 juni 2019.

Op 27 juni 2019 heeft minister Koolmees de vragen van de vaste Tweede Kamercommissie voor SZW beantwoord.

Op 28 juni 2019 is het verslag van de vaste Kamercommissie voor SZW vastgesteld.

Op 5 september 2019 heeft de vaste Kamercommissie overleg gevoerd met de staatssecretaris van SZW.

Het verslag van dit overleg is vastgesteld op 26 september 2019. Op dit moment is hierover geen nader bericht te melden.

Datum inwerkingtreding: 1 januari 2021.

Initiatiefwetsvoorstel adviesrecht voor maatschappelijk verantwoord beleggingsbeleid en goedkeuringsrecht voor uitsluitingenbeleid aan organen bij pensioenfondsen (35101) Dit wetsvoorstel regelt dat het verantwoordingsorgaan en het belanghebbendenorgaan bij pensioenfondsen:

  • een goedkeuringsrecht krijgen op het uitsluitingenbeleid van het pensioenfonds; en
  • een adviesrecht krijgen op het maatschappelijk verantwoord beleggingsbeleid van het pensioenfonds.
Ingediend op 3 december 2018 door D66 bij de Tweede Kamer.

De Tweede Kamer-commissie SZW neemt dit wetsvoorstel in behandeling na ontvangst van het advies van de Raad van State en de reactie van de initiatiefnemer.

Op dit moment is hierover geen nader bericht te melden.

Voorstel machtigingswet oprichting Invest-NL (35123) Dit voorstel regelt de oprichting van de Nederlandse financierings- en ontwikkelingsinstelling Invest-NL N.V.

Invest-NL heeft als kerntaken:

  • het ondersteunen van ondernemingen bij risicovolle activiteiten op het gebied van grote transitieopgaven en
  • het helpen doorgroeien van start-ups en scale-ups naar grotere ondernemingen door middel van ontwikkelingsdiensten en financiering.

Invest-NL is specifiek bedoeld voor de financiering van ondernemingen die maatschappelijk verantwoord ondernemen en daarmee bijdragen aan de realisatie van maatschappelijke transitieopgaven.

Ingediend op 18 januari 2019 bij de Tweede Kamer.

De Tweede Kamer heeft het wetsvoorstel op 21 mei 2019 aangenomen.

De Eerste Kamer-commissie voor Economische Zaken en Klimaat / Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (EZK/LNV) heeft op 15 oktober 2019 het eindverslag uitgebracht.

De plenaire behandeling van het wetsvoorstel in de Eerste Kamer is voorzien op 12 november 2019.

Voorstel registratie uiteindelijk belanghebbenden van vennootschappen en andere juridische entiteiten (35179) De vierde EU anti-witwasrichtlijn verplicht lidstaten een register bij te houden waarin de natuurlijke personen zijn opgenomen die de uiteindelijk belanghebbenden zijn in een onderneming of rechtspersoon. Dit is het Ultimate Beneficial Owner-register (UBO-register). Dit wetsvoorstel regelt de implementatie van het UBO-register.

In het Implementatiebesluit worden de volgende zaken geregeld:

  • welke documenten gelden als onderbouwing van het economisch belang van een UBO;
  • wie de bevoegde autoriteiten zijn;
  • een afschermingsregime voor uitzonderlijke omstandigheden.

Het Implementatiebesluit UBO-register is op 20 mei 2019 voor internetconsultatie aangeboden. De consultatie is op 1 juli 2019 gesloten. De Pensioenfederatie geeft in haar reactie op de consultatie aan dat het niet wenselijk is dat pensioenfondsen onder de registratieverplichting van het UBO-register vallen.

 

Ingediend op 4 april 2019 bij de Tweede Kamer.

Het UBO-register moet uiterlijk op 10 januari 2020 zijn gerealiseerd.

Op 22 mei 2019 heeft op initiatief van de vaste Kamercommissie voor Financiën een rondetafelgesprek plaatsgevonden.

Op 29 mei 2019 heeft de vaste commissie voor Financiën het wetsvoorstel besproken.

Op 4 oktober 2019 heeft minister Hoekstra de Nota van wijziging en de Nota naar aanleiding van het verslag aan de Tweede Kamer gezonden.

In de procedurevergadering van 16 oktober 2019 heeft de vaste Kamercommissie besloten het wetsvoorstel aan te melden voor plenaire behandeling.

De plenaire behandeling in de Tweede Kamer is voorzien in week 45.

Ontwerpbesluit financieel toetsingskader pensioenfondsen

 

Dit voorstel betreft het advies van de Commissie Parameters. Het kabinet heeft in een Kamerbrief aangegeven het advies van de Raad van State over te nemen.

De Eerste Kamer heeft in het kader van de voorhangprocedure op 9 juli 2019 diverse vragen gesteld over het ontwerpbesluit.

Minister Koolmees heeft deze vragen in zijn brief van 9 september 2019 beantwoord.

Nadat de voorhangprocedure over het ontwerpbesluit is afgerond wordt het ontwerpbesluit voor advies voorgelegd aan de Raad van State. Op dit moment is het advies van de Raad van State nog aanhangig en is hierover geen nader bericht te melden.


Overige pensioenonderwerpen / aangekondigde wet- en regelgeving

Thema Stand van zaken/planning
Mogelijkheid van opname bedrag ineens op pensioeningangsdatum Wetsvoorstel wordt medio 2020 verwacht.
Onderzoek naar verschillen in pensioenopbouw tussen werknemers die werken met loondispensatie en werknemers voor wie de werkgever een loonkostensubsidie ontvangt Gestart in 2017. SZW heeft op 25 april 2018 aanvullende informatie verschaft aan de Tweede Kamer over (cao-)lonen van mensen die werken met loonkostensubsidie en over de gevolgen voor de opbouw van aanvullend pensioen. Op dit moment is geen nadere informatie beschikbaar.
Evaluatie Wet Pensioencommunicatie De uitkomsten van de evaluatie werden aanvankelijk verwacht in het derde kwartaal van 2019. Op dit moment is niet duidelijk wanneer deze verschijnen.
Evaluatie Wet verbeterde premieregeling Deze evaluatie stond aanvankelijk gepland voor het derde kwartaal van 2019. Op dit moment is niet duidelijk wanneer de evaluatie afgerond is.
Evaluatie van de Wet werken na de AOW-gerechtigde leeftijd De uitkomsten werden verwacht in het vierde kwartaal van 2018. Dit is niet haalbaar gebleken. Wanneer de uitkomsten wel beschikbaar zijn is niet bekend.
Aanpassing Beleidsregel Geschiktheid 2012 De AFM en DNB hebben de wijzigingen in de Beleidsregel geschiktheid 2012 voor consultatie gepubliceerd. De consultatie heeft tot 1 september 2019 gelopen. De aangepaste Beleidsregel wordt naar verwachting eind 2019 gepubliceerd en is vanaf dat moment van kracht. De aanpassingen vloeien voort uit aanpassingen in nationale en Europese wet- en regelgeving.
Nieuwe Leidraad ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) en Sanctiewet (Sw) DNB heeft de nieuwe Leidraad ter consultatie aangeboden. De consultatie heeft tot 16 september 2019 gelopen. Pensioenfondsen vallen niet onder de Wwft. Wel is op pensioenfondsen de Sw van toepassing.
Dit artikel delen: