Voorzitter BPF Recreatie Martin Merks:

“Evenwichtige behartiging van alle belangen bewaken”

“We hadden al een paritair bestuur en het was meteen duidelijk dat de sociale partners daaraan wilden vasthouden. Er is wel discussie geweest over de wijze waarop we de gepensioneerden bij het bestuur gingen betrekken.”

Martin Merks is voorzitter van het Bedrijfstakpensioenfonds Recreatie. Het is een relatief jong fonds dat in 1997 is opgericht. Omdat het een jong fonds is, telt het maar circa 1.000 pensioengerechtigden ten opzichte van 15.000 actieve deelnemers. Het bestuur telde zes leden, maar volgens de nieuwe wetgeving dienen de gepensioneerden een zetel in het bestuur te krijgen.

“De werkgevers wilden het aantal bestuursleden namens hen niet uitbreiden”, vertelt Martin. “Zij vonden dat het bestaande team prima functioneerde. De werknemers wilden op hun beurt niet een zetel inleveren ten gunste van de gepensioneerden. Daarom is uiteindelijk gekozen om het aantal bestuursleden uit te breiden van zes naar zeven, maar wel met behoud van de pariteit. Daar hebben we wel wat rekensommen op moeten loslaten en we hebben gezocht naar de juiste formulering. In de praktijk betekent het dat als alle bestuursleden aanwezig zijn, de stemmen van de drie werkgeversleden iets zwaarder tellen als er gestemd moet worden. Een complicatie is dat De Nederlandsche Bank (DNB) kritisch kijkt naar deze oplossing. De wet zegt dat deze constructie mag als er sprake is van bijzondere omstandigheden en wij hebben argumenten aandragen dat die er zijn voor ons fonds.”

Oververtegenwoordigd

Met een zetel voor de gepensioneerden in een bestuur van zeven leden terwijl de verhouding gepensioneerden ten opzichte van actieve deelnemers 1:15 is, zijn de gepensioneerden duidelijk oververtegenwoordigd. “Dat is inderdaad wat merkwaardig”, zegt Martin. “De kern van de wet is immers dat er een evenwichtige behartiging van de belangen moet zijn. We hebben de wettekst goed gelezen om te doorgronden wat de wetgever precies bedoelt, maar het was duidelijk dat er een vertegenwoordiger van de gepensioneerden in het bestuur moest komen. Die vertegenwoordiger zit er net als de overige bestuurders voor alle deelnemers. Het werkt niet als je steeds alleen de argumenten van jouw specifieke achterban naar voren brengt. Ik zie het als mijn taak als voorzitter om een evenwichtige afweging van de belangen van alle stakeholders van het fonds te bewaken.”

Hulp bij voorbereidingen

Montae verzorgt voor BPF Recreatie de bestuursondersteuning en heeft als zodanig een belangrijke rol gespeeld bij de voorbereidingen op de nieuwe bestuursstructuur. Martin is daar bijzonder tevreden over. “Montae verzorgt als bestuursondersteuner natuurlijk het secretariaat, maar heeft daarnaast veel beleidsmatige voorstellen gedaan en uitgewerkt. Er moest naast de uitbreiding van het bestuur een Raad van Toezicht komen en een Verantwoordingsorgaan nieuwe stijl. Montae heeft geholpen een presentatie voor te bereiden voor ons college van belanghebbenden, heeft meegedacht en nieuwe reglementen geformuleerd. Ook was het fijn dat Montae het proces naar DNB heeft begeleid en daar af en toe heeft nagevraagd wat de bedoeling was van bepaalde punten.”

Competenties gevraagd

Voor het intern toezicht heeft BPF Recreatie gekozen voor een Raad van Toezicht. “Montae heeft ook een rol gespeeld bij onze zoektocht naar geschikte externe kandidaten”, zegt Martin. “De eisen die DNB stelt, zijn fors. Als het gaat om deskundigheid en feitelijke kennis zijn die eisen behoorlijk concreet te maken. Maar er worden ook eisen gesteld aan de competenties die nodig zijn en dat is toch een wat meer kneedbaar onderwerp. Dan is het lastiger om de geschiktheid vast te stellen. Je kunt in wetteksten wel omschrijvingen formuleren, maar de uitwerking in de praktijk heeft heel wat voeten in de aarde. Wij hebben in ieder geval onze kandidaten ingediend voor toetsing en wachten op de reactie. We zijn natuurlijk niet het enige fonds dat dit doet. Het moet voor DNB een enorme taak zijn om de geschiktheid van alle kandidaten te toetsen.”

Stoom en kokend water

Martin ziet er het nut wel van in. “Het is prima dat er eisen aan de deskundigheid worden gesteld en bepaalde competenties worden gevraagd. Ongeveer 10 jaar geleden werd je wel vrij gemakkelijk bestuurder van een pensioenfonds. Een fonds is toch een soort financiële instelling. Het is goed dat de eisen voor het besturen daarvan zijn aangescherpt. Wel vind ik dat het allemaal een beetje ‘onder stoom en kokend water’ is gebeurd. Ik denk dat we in de komende jaren dingen zullen tegenkomen die in de praktijk toch wat anders zullen uitpakken dan ze in theorie waren bedacht.”